Istock 980387248 2000
Uitgelicht

4 t/m 10 oktober: Week van de Opvoeding

Deze week is het de Week van de Opvoeding. Dit is een initiatief van het Nederlands Jeugdinstituut. Tijdens deze week gaan we als Spring met ouders in gesprek over opvoeden.

Het thema van deze week is ‘Vertel eens…’. Er vindt o.a. een workshop ‘Actief gamen’ plaats. Deze wordt gegeven door Jan-Paul de Beer van onze samenwerkingspartner Springlab.

Daarnaast delen we in de Week van de Opvoeding o.a. tips over opvoeden, maar we horen ook graag van jou als ouder wat je van verschillende thema’s rondom opvoeden vindt. Houd daarom de ouderapp en onze Instagram-pagina in de gaten en laat van je horen! Ook dit nieuwsbericht wordt aankomende week elke dag aangevuld met tips en informatie over opvoeden.

Vertel eens… over kinderen en emoties

Wat als je zoveel voelt, zoveel wilt zeggen, zoveel wilt vragen, je zo graag wilt uiten, maar het lukt (nog even) niet of nog niet zo goed? Jonge kinderen willen dan nog wel eens gaan bijten. Zij hebben hun impulsen nog niet onder controle en doen vóórdat ze denken. Bovendien beschikken ze zowel fysiek als emotioneel nog niet over de middelen om zich te uiten.

Achter dat bijtgedrag kunnen uiteenlopende emoties zitten. Frustratie, boosheid, maar ook liefde en genegenheid. Soms bijten jonge kinderen als ze overmand worden door een sterk gevoel van genegenheid.

Goed om te weten: dit is een fase die voorbijgaat. Het gaat over!

Wat kan je doen in die tussentijd?

Do's:

  • Leg rustig uit dat bijten niet mag en dat bijten pijn doet.
  • Verwoord ook de gevoelens en intenties die je ziet bij je kind.
  • Benoem gewenst gedrag. Als je zegt dat bijten niet mag, geef dan ook direct aan wat wel mag. Geef het kind een alternatief. Benoem dat, doe het zelf voor of doe het samen.
  • Probeer het bijten voor te zijn. In welke situaties bijt je kind? Is je kind dan bijvoorbeeld moe, boos of lukt iets niet? Als je dit kunt achterhalen, kan je je kind ondersteunen door het bijvoorbeeld rust te geven, zijn/haar emoties te verwoorden of te helpen.
  • Steek tijd en aandacht in de taalontwikkeling. Lees veel voor, doe taalspelletjes zodat het kind leert zich met taal te uiten.

Dont's:

  • Reageer niet emotioneel of boos, maar blijf rustig.
  • Keur je kind niet af. Zeg bijvoorbeeld niet ‘jij bent stout’. Het is namelijk het gedrag dat je afkeurt, niet het kind zelf.
  • Bijt nooit terug ‘om eens te laten voelen hoe dat is’. Je geeft hiermee een tegenstrijdige boodschap af. Dit is verwarrend voor het kind.

Bijt jouw kind en vind je het moeilijk om daarmee om te gaan? Bespreek eens met onze pedagogisch medewerkers hoe zij dit doen.

 

Vertel eens... over kinderen en vriendschap

Onderzoek wijst uit dat mensen die sterk zijn in het aangaan en onderhouden van relaties, zoals vriendschappen, de meest gelukkige mensen zijn. Vriendschappen helpen ons te ontdekken wie we zijn. De mensen met wie we omgaan, helpen ons een identiteit te ontwikkelen. Het vermogen om je met anderen te kunnen verbinden, maakt deel uit van de sociale ontwikkeling van kinderen. Op jonge leeftijd ontwikkelen kinderen de vaardigheden die hiervoor nodig zijn.

Vier stellingen over vriendschap

Hieronder worden vier stellingen over kinderen en vriendschap, met behulp van onze pedagogische kennis en de expertise van ontwikkelingspsycholoog Steven Pont en kindercoach Ingeborg Dijkstra, bevestigd of ontkracht.

STELLING 1: Een vriendschap tussen peuters of kleuters stelt nog niet zoveel voor

Anders dan tot voor kort werd beweerd door ontwikkelingspsychologen, hebben peuters en kleuters wel degelijk vriendschappen. Uit allerlei non-verbale signalen kun je opmaken dat ze oprecht blij zijn om een vriendje terug te zien. Ook zal een peuter een vriendje proberen te helpen of te troosten wanneer er iets aan de hand is. Vanaf drie jaar laten ze echt een voorkeur zien voor bepaalde kinderen. Ze kiezen naast wie ze willen zitten en willen dingen samen doen. Het mooie is dat ze nog geen sociale schaamte kennen. Ze kiezen echt waar ze voor staan, pas later gaat meetellen wat de groep ervan vindt. Een vriendschap is op die leeftijd dus heel oprecht.

STELLING 2: Smoor omgang met foute vriendjes in de kiem

Kinderen imiteren elkaar en dat uit zich soms in gedrag dat je als ouder minder prettig vindt. Probeer te ontdekken wat jij als ouder ‘fout’ vindt aan een vriendje en waarom? Mag je kind niet omgaan met kinderen die anders zijn dan jouw kind? Hanteer niet al te strakke normen. Grijp niet te snel in. Zolang het niet de spuigaten uitloopt, kun je het beter laten gaan. Het normbesef van je kind moet zich nog vormen. Dat gebeurt ook doordat je samen bespreekt wat niet zo goed is gegaan. Je kunt alles wel bij je kind weghalen, maar wat het uiteindelijk moet leren, is: hoe ga je ermee om?

STELLING 3: Vriendschap moet je stimuleren

Kinderen gaan van nature op zoek naar contact. Zowel voor wat betreft de keuze voor vriendjes als de frequentie van het spelen is het goed kinderen vrij te laten in hun keuzes. Belangrijk is in elk geval dat je als ouder geen vriendjes voor je kind gaat uitkiezen. Stimuleren van vriendschappen kun je vooral doen door je kind veel mogelijkheid te geven samen te spelen met anderen. Probeer ook als het niet zo goed uitkomt te kijken of er een speelafspraak kan worden gemaakt. En laat je kind zien hoe belangrijk jouw vriendschappen en contacten voor jou zijn.

STELLING 4: Bij ruzie moet je altijd ingrijpen

Of je als ouder moet ingrijpen bij een ruzie, hangt af van de leeftijd van de kinderen en hoe een ruzie verloopt. Bij dreumesen en peuters ontstaat ruzie vaak omdat ze hetzelfde speeltje willen hebben. Bij zo’n ruzie kun je er als ouder meestal makkelijk voor zorgen dat het niet uit de hand loopt, bijvoorbeeld door beide kinderen een ander interessant speeltje aan te bieden. De ruzie is dan vaak snel weer voorbij en vergeten. Ingrijpen is, tenzij kinderen elkaar pijn doen tijdens spel, niet aan te raden. Als je ingrijpt, dan geef je eigenlijk de boodschap: jullie kunnen het zelf niet oplossen. Vanaf een jaar of 8 kunnen kinderen zich in de gevoelens van een ander verplaatsen. Dat zorgt ervoor dat ze ruzies zelf makkelijker kunnen oplossen.

Ruzies zijn vaak leerzaam. Sociale vaardigheden worden o.a. aangeleerd via een conflict. Door het aangaan en het oplossen van ruzies en onenigheden, kweek je gevoeligheid voor de belevingswereld van de ander. Die heb je nodig om op een sociaal aanvaardbare manier met elkaar om te gaan.

Vertel eens... wat vind jij?

Toen je nog kind was, wat vond je toen leuk om te doen met je ouders? En zijn er activiteiten die jij vroeger zo leuk vond dat je ze nu ook met jouw kind(eren) doet? Laat het ons weten in de reacties onder onze Instagram-post!

 

 

Geslaagde workshop Actief gamen @ Spring Kinderopvang

Gisteren vond er in het kader van de Week van de Opvoeding een workshop Actief gamen @ Spring Kinderopvang plaats bij dagopvang Pardoes in Cuijk. Het was een geslaagde middag. De tien ouders en hun kinderen die aanwezig waren maakten kennis met verschillende beweegspellen. Zo konden de kleuters en peuters lekker bewegen op de beweegvloer en voor de oudere kinderen waren er de pico’s en Springloop. Ook konden zij de Ring Fit van Nintendo Switch proberen.

Ouders vonden het leuk om eens te zien wat er allemaal mogelijk is met de huidige technologie. Sommigen deden zelfs gezellig mee!

Met dank aan Jan-Paul de Beer van onze samenwerkingspartner Springlab voor het mogelijk maken van deze workshop.

Vertel eens... Wat vind jij?

En toen was het alweer vrijdag! We sluiten de Week van de Opvoeding af met een vraag waar je misschien een tijdje over na moet denken voordat je er antwoord op kan geven: hoe heeft jouw kind jou veranderd? Leuk als je je antwoord op deze vraag met ons wilt delen onder onze Instagram-post!